Schoenmaten en voetlengte
Een schoenmaat volgt uit de voetlengte plus wat ruimte. Meten is nauwkeuriger dan passen, omdat een kind bij het passen de tenen intrekt.
Meten
Zet het kind met de hiel tegen een muur op een vel papier en zet een streep bij de langste teen, die niet altijd de grote teen is. Meet beide voeten en houd de langste aan.
Bij de gemeten lengte komt ongeveer 1,2 centimeter ruimte. De maten in de tabel hieronder gaan uit van de voetlengte zelf, niet van de binnenzool.
Maat en voetlengte
| Schoenmaat | Voetlengte in cm | Gemiddelde leeftijd |
|---|---|---|
| 17 | 10,0 | 0 tot 3 maanden |
| 18 | 10,7 | 3 tot 6 maanden |
| 19 | 11,3 | 6 tot 9 maanden |
| 20 | 12,0 | 9 tot 12 maanden |
| 21 | 12,7 | circa 1 jaar |
| 22 | 13,3 | 1 tot 1,5 jaar |
| 23 | 14,0 | 1,5 jaar |
| 24 | 14,7 | circa 2 jaar |
| 25 | 15,3 | 2 tot 2,5 jaar |
| 26 | 16,0 | circa 3 jaar |
| 27 | 16,7 | 3 tot 3,5 jaar |
| 28 | 17,3 | circa 4 jaar |
| 29 | 18,0 | 4 tot 5 jaar |
| 30 | 18,7 | circa 5 jaar |
| 31 | 19,3 | 5 tot 6 jaar |
| 32 | 20,0 | circa 6 jaar |
| 33 | 20,7 | 6 tot 7 jaar |
| 34 | 21,3 | circa 8 jaar |
| 35 | 22,0 | 8 tot 9 jaar |
| 36 | 22,7 | circa 10 jaar |
| 37 | 23,3 | circa 11 jaar |
| 38 | 24,0 | circa 12 jaar |
Hoe vaak controleren
Tot drie jaar groeit een voet ongeveer een maat per drie tot vier maanden. Daarna vertraagt dat naar een maat per half jaar. Een controle per kwartaal tot vier jaar is voldoende.
Te kleine schoenen zijn te herkennen aan een rode plek op de teen, een opgekrulde teennagel of sokken die aan de voorkant slijten.
Mutsen en petten
Voor mutsen telt de omtrek van het hoofd, gemeten net boven de oren en de wenkbrauwen.
| Hoofdomtrek | Gemiddelde leeftijd | Gangbare maat |
|---|---|---|
| 39 tot 41 cm | pasgeboren | maat 44/46 |
| 42 tot 44 cm | 3 tot 6 maanden | maat 44/46 |
| 45 tot 47 cm | 6 tot 18 maanden | maat 47/49 |
| 48 tot 50 cm | 2 tot 4 jaar | maat 50/52 |
| 51 tot 53 cm | 4 tot 8 jaar | maat 53/55 |
| 54 tot 56 cm | vanaf 8 jaar | maat 55/57 |
Kort samengevat
De maat op het label staat voor de lichaamslengte in centimeters. Meten is nauwkeuriger dan rekenen met de leeftijd, zeker vanaf een jaar of zes.
Verder lezen
- ›Babymaten: 50 tot en met 86Babymaten van 50 tot 86 met de bijbehorende leeftijd en lengte, en hoe vaak een maat in het eerste jaar wisselt.
- ›Peutermaten: 86 tot en met 104Maten 86 tot 104 voor dreumesen en peuters, met leeftijd, lengte en aandachtspunten bij zindelijkheid en zelf aankleden.
- ›Kleutermaten: 104 tot en met 116Maten 104 tot 116 voor kleuters, met leeftijd en lengte en wat er verandert zodra een kind naar school gaat.